Vredesonderhandelingen?

In een interview met de linkse krant Haaretz zei de IsraŽlische minister van Defensie Ehud Barak dat het oostelijk deel van Jeruzalem wat hem betreft de hoofdstad van het nieuwe Palestina kan worden en dat een dergelijke stap de kans op vrede met de Palestijnen vergroot. Wel vind hij dat er voor de Oude Stad, de Olijfberg en de Stad van David een speciale oplossing moet komen. In juli 2000 tijdens een door Bill Clinton opgedrongen bijeenkomst in Camp David in de Verenigde Staten bood dezelfde Ehud Barak toen als premier van IsraŽl, de Palestijnse terreurbaas Jasser Arafat een eigen staat aan in de Gazastrook en op 95% van IsraŽls aloude thuisland, de Bijbelse gebieden Samaria en Judea. Daarnaast was hij bereid zowel het oostelijk deel van Jeruzalem als ook de Tempelberg op te geven en was hij bereid een Palestijnse staat te erkennen. Hij kwam Arafat verder tegemoet dan al zijn voorgangers bij elkaar - inclusief Rabin en Peres en dacht hiermee de belangrijkste eisen van Arafat ingewilligd te hebben.

Maar ondanks de verregaande concessies van Barak zei Arafat nee omdat hij weigerde van het zogenaamde recht op terugkeer van ĎPalestijnseí vluchtelingen naar het huidige IsraŽl af te zien. Barak wilde een beperkt aantal van 70.000 ĎPalestijnení toelaten, maar dat vond Arafat niet genoeg. De terreurbaas liet de top bewust mislukken want hij was niet naar Camp David gekomen om een overeenkomst te bereiken. Hij had totaal geen interesse om tot een akkoord met IsraŽl te komen, wat vanaf het allereerste begin zijn strategie was. Hij heeft nooit de kansen gepakt die hem van IsraŽlische zijde zijn aangeboden op een eigen Palestijnse staat. IsraŽlís toenmalige minister van BZ, Shlomo Ben-Ami, verklaarde later ook dat Arafat van het begin af aan niet van plan is geweest echte vrede met IsraŽl te sluiten. De dag na Camp David riep Arafat alweer dat het bezit van Jeruzalem desnoods met geweld bereikt diende te worden. Ehud Barak noemde op 3 juli 2002, in zijn eerste officiŽle interview na zijn ambtsperiode als premier van IsraŽl, Arafat een serieleugenaar. De geschiedenis herhaalt zich. Vandaag vinden er opnieuw onderhandelingen plaats nu onder druk van Barack Hoessein Obama. De Palestijnse terreurleider Mahmoud Abbas maakte van tevoren al duidelijk tot geen enkele concessie of compromis met IsraŽl bereid te zijn. Zo weigert hij de staat IsraŽl officieel te erkennen. "We praten niet over een Joodse staat en we zullen er niet over praten", aldus Abbas. Ook hij eist het Ďrecht op terugkeerí van alle zogenaamde Palestijnse vluchtelingen. Ook de voormalige IsraŽlische premier Ehud Olmert was bereid om 98 procent van Judea en Samaria aan de Palestijnen af te staan in ruil voor vrede. Ook toen weigerde Abbas in te gaan op de verregaande voorstellen van Olmert.

Alle concessies die IsraŽl door de jaren aan het bewind in Ram-allah heeft gedaan, zijn met hoongelach van de hand gewezen. De wereldleiders met in hun kielzog de linkse media, misleiden de wereldbevolking met het verhaal dat de ĎPalestijnení zich slechts ten doel hebben gesteld, het door de zionisten gestolen land terug te krijgen. De onwetende massa laat zich gemakkelijk manipuleren. IsraŽlís uitgestoken hand is tot dusver slechts beantwoord met beestachtige moordpartijen en gruwelijkheden Men accepteert simpelweg geen Joodse staat in het Midden Oosten. Een wereld zonder IsraŽl wordt voorgesteld, in schoolboeken, kinderprogrammaís, kruiswoordpuzzels, videoclips, in allerhande symbolen, in school en straatnamen. Zelfmoordenaars hebben de hoogste graat van het menselijk zijn bereikt en krijgen de status van martelaar. Imams herinneren de Palestijnse tv-kijkers eraan dat de profeet Mohammed in het verleden alle gelovigen opgeroepen heeft tot het doden van Joden, waar men ze maar tegenkwam. Met deze doodscultuur zit IsraŽl in opdracht van het ĎYes we caní Obama aan tafel om over vrede te praten!


Toegevoegd: 25 september 2010
Uit de nieuwsbrief van: FranklinTerHorst.nl


Print deze pagina
Terug