Wie zijn de Palestijnen?

Dit is ťťn van de meest onduidelijke kwesties van vandaag: wie zijn de Palestijnen? De waarheid hierover is zo doelbewust verdoezeld dat de vraag alleen al vreemd klinkt. Laten we eens terug in de tijd gaan. Het land IsraŽl werd Palestina genoemd na de Romeinse vernietiging van IsraŽl in het jaar 70 AD. Het zou de volgende 19 eeuwen door veel verschillende overheersers bestuurd worden.

In de 7de eeuw namen de moslims voor het eerst de controle over in Palestina. Van 635 tot 1917 zouden ze daar heersen, met slechts een paar onderbrekingen door de Europese Kruisvaarders. Tijdens deze tijdspanne werd het land steeds verder verlaten. Vele mensen die het land in de 19de eeuw bezochten merkten op dat Palestina net zo troosteloos was als de maan en dat er zeer weinig mensen leefden.

In 1867 schrijft Mark Twain over zijn bezoek aan het Heilige Land in zijn boek "The Innocents Abroad." Hij treurde: ,,sensationele scŤnes komen niet meer in de vallei (van JezreŽl) voor. Er is geen dorpje te bekennen in deze uitgestrektheid, in geen enkele richting. Er zijn twee of drie kleine groepjes van bedoeÔenen tenten, maar niet ťťn enkele permanente woonplaats. Je kan hier kilometers in de buurt rijden en nog geen mens tegenkomen."

Uit alle ooggetuige verslagen uit die tijd blijkt dat Palestina totaal verlaten was. Er waren vrijwel geen bomen en geen mensen. Door het gebrek aan bomen veranderde het weer en het regende nog zelden. De irrigatiesystemen van de eens vruchtbare valleien werden aangetast, de meeste gebieden achterlatend als malariaoverheerste moerassen. Door erosie waren er nog slechts onvruchtbare rotsen. Dit was de staat van Palestina tegen het begin van de 19de eeuw.

Op dat moment begonnen de Joden strenge vervolgingen in Rusland en Oost-Europa te ontvluchten. Rond 1850 kwamen er enkele Joden naar Palestina en, met grootmoedige hulp van sommige succesvolle Joden zoals de Rothschilds, begonnen grond te kopen van de Ottomaanse Turkse moslims. De moslims dachten dat het land hoe dan ook waardeloos was, en verkochten het aan de "domme Joden" voor veel te hoge prijzen.

Tot ieders verbazing waren de Joden zeer succesvol bij het terugwinnen van het land. Veel van hen stierven aan Malaria en aan het strenge leven dat het werk eiste, maar zij voerden een landbouwmirakel uit dat het land opnieuw zeer productief maakte. Als resultaat van hun succes begonnen arme migrerende arbeiders uit de omringende moslimlanden binnen te stromen om voor de Joden te werken. De Joden werden letterlijk het slachtoffer van hun eigen succes -- bijna alle mensen die zich vandaag de dag "Palestijnen" noemen zijn nakomelingen van die migrerende arbeiders.

De Moslims hebben herhaaldelijk getoond dat ze dit begrijpen. Aangezien zij weten dat de zogenaamde "Palestijnen" geen gelijksoortig volk zijn, maar eerder een gemengd conglomeraat van arbeiders zonder samenhangende organisatorische of politieke vaardigheden, hebben zij hen herhaaldelijk geen eigen staat gegeven. Toen de Hashemite stam, die eeuwenlang heerste over Mekka en Medina, door de saoedis werd verdreven, gaven de Britten hen controle over het enorme grote aantal 'migrerende arbeiders' in trans-JordaniŽ. De Britten zeiden dat dit de staat van Palestina moest zijn. In plaats daarvan veranderde de Hashemites, die slechts ongeveer 20 procent van de bevolking uitmaakten, het in hun eigen koninkrijk en riepen het koninkrijk van JordaniŽ uit.

Toen JordaniŽrs en de Egyptenaren de zogenaamde West-Bank en de Gazastrook voor 19 jaar bezaten (1948 tot 1967), werd er nooit gedacht aan het geven van een eigen staat aan de gedesorganiseerde massa van 'migrerende arbeiders'. Waarom niet? Omdat ze wisten dat de groep, bekend als Palestijnen, niet bestond uit samenhangende, homogene mensen.

De huidige inspanning van JordaniŽ en Egypte (en de rest van de Moslimlanden in het Midden-Oosten) om deze zelfde mensen een staat te geven is duidelijk een list om een voet binnen IsraŽl te krijgen. Het is een strategische stap om een basis te krijgen waar vanuit de definitieve aanval tegen IsraŽl kan worden gemaakt. Wat ze vooralsnog militair niet voor elkaar kregen wordt nu vergemakkelijkt door de Verenigde Staten en de Europese Unie.

Moslims zullen nooit een permanente aanwezigheid van ongelovigen goedkeuren in wat zij zien als heilige Islamitische grond. Vooral Joodse ongelovigen voor wie de Koran de felste veroordelingen reserveert. Zij zijn van mening dat de Koran en Allah hen geen Joden laat accepteren in wat zij als hun derde heiligste plaats zien.

De Verenigde Staten zou dit beter moeten begrijpen of we zullen ons schuldig maken aan het meehelpen met de vernietiging van de mensen van God, aan wie het land voor altijd behoort volgens het Woord van God. God zal dit niet laten gebeuren, maar Hij zal zeker de mensen veroordelen die het proberen of daaraan deelnemen.

God waarschuwde: "Daarom, zo zegt de Here Here, voorwaar, in het vuur van mijn naijver heb Ik gesproken tot het overblijfsel der volken en tot geheel Edom (Arabieren), die met hertgrondige vreugde en diepe minachting mijn land voor zichzelf ten erfdeel hadden bestemd om het volkomen uit te plunderen ... Maar gij, bergen van IsraŽl, zult uw takken voortbrengen en uw vruchten dragen voor mijn volk IsraŽl, want nabij is zijn komst."(EzechiŽl 36: 5, 8).


RPM
28 juni 2003

Print deze pagina
Terug